‘Groepsgedragtherapie bij agressie’ is een uitgave in de reeks Psychotherapie in Praktijk. De boeken uit die reeks kennen alle een zelfde opbouw. Na een inleidend hoofdstuk waarin het thema van het betreffende boek en een kort theoretisch kader geïntroduceerd wordt, demonstreren de auteurs aan de hand van gevalsbeschrijvingen hoe een behandeling concreet verloopt. De gevalsbeschrijvingen bestaan uit weergaven van dialogen tussen behandelaar en cliënt, vergezeld door de overwegingen en verantwoordingen van de therapeut.
Sinds 1997 wordt onder auspiciën van de vakgroep Strafrechtwetenschappen van de universiteit van Tilburg iedere drie jaar een bundel uitgegeven over de forensische psychiatrie en aanverwante aandachtsgebieden. Dit is de vierde bundel in deze reeks en het telt veertig artikelen.
Deze bijdrage gaat over de antisociale persoonlijkheidsstoornis (APS), een psychische stoornis die zich kenmerkt door antisociaal, niet zelden agressief gedrag tegenover andere mensen en soms ook tegen dieren. Iemand met APS maakt misbruik van andere mensen, bijvoorbeeld door hen -al dan niet met geweld- te bestelen, te mishandelen of te verkrachten. Daar komt bij dat hij over het algemeen geen oog heeft voor de gevoelens van zijn slachtoffers en weinig of geen spijt heeft. Dit alles leidt tot gedrag waarvan vooral de mensen uit zijn omgeving last hebben. Dat kunnen bekenden en zelfs ouders, partners of kinderen zijn, maar vaak ook zijn het mensen die toevallig in de buurt waren: een medewerker van een pompstation of bank die wordt overvallen; een voorbijganger die zich in een vechtpartij mengt en vervolgens zelf de klappen moet opvangen. Voor mensen uit de directe omgeving van iemand met APS is de informatie in deze bijdrage bedoeld.